Nationaal Park De Biesbosch
 |
| Marianne den Braven |
Zomers is de Biesbosch een paradijs. Geel moeraskruiskruid, paarse kattenstaart en witte valeriaan betoveren de oevers tot bloemenboulevards. Langs de grienden verspreidt de reuzenbalsemien haar zoete parfum. In de overgebleven landbouwpolders wordt door de boeren hard gewerkt om het hooi binnen te halen.
De recreatie is in dit jaargetijde sfeerbepalend. Op bredere killen is het druk met jachtjes, die in de hitte ten prooi vallen aan steekvliegen of muggen. Kanovaarders zoeken verkoeling in de schaduw van de kreken, waar soms spontaan een druppel water uit een wilg op je hoofd neervalt. Vooral kinderen genieten op deze manier met volle teugen van de natuur. Wie zelf geen boot heeft, kan bij de bezoekerscentra een excursie boeken.
Onderweg kom je dan eendjes, fuutjes en meerkoetjes tegen die voor het eerst hun eigen eten oppikken uit het water. Jonge reigers leren vliegen vanuit hun nest hoog in de bomen, en boven de rietvelden cirkelen buizerd en kiekendief op zoek naar sappige veldmuizen. De natuur stoort zich totaal niet aan de aanwezigheid van de mensen zolang die zich rustig houden.
 |
|